UMMATUN WAHIDA
وَ اِنَّ ہٰذِہٖۤ اُمَّتُکُمۡ اُمَّۃً وَّاحِدَۃً وَّ اَنَا رَبُّکُمۡ فَاتَّقُوۡنِ ۵۲﴾
Wa-inna hathihi ommatukum ommatan wahidatan waana rabbukum faittaqooni

En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
{Qs al Muminun ayah 52}

UMMATUN WAHIDA

Wa-inna hathihi ommatukum UMMATUN WAHIDATAN waana rabbukum faittaqooni En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
 
IndexZoekenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Surah Al-Qi'jaamah

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Ummatun_wahida
Admin
avatar

Aantal berichten : 419
Registratiedatum : 09-12-12

BerichtOnderwerp: Surah Al-Qi'jaamah   zo jan 13, 2013 2:52 am

Al-Qi'jaamah
بِسۡمِ اللّٰہِ الرَّحۡمٰنِ الرَّحِیۡمِ

لَاۤ اُقۡسِمُ بِیَوۡمِ الۡقِیٰمَۃِ ۙ﴿۱﴾

075.001 La oqsimu biyawmi alqiyamati

1. Nee! Ik roep de Dag der Opstanding tot getuige.


وَ لَاۤ اُقۡسِمُ بِالنَّفۡسِ اللَّوَّامَۃِ ؕ﴿۲﴾

075.002 Wala oqsimu bialnnafsi allawwamati

2. Nee! Ik roep de zichzelf beschuldigende ziel tot getuige.


اَیَحۡسَبُ الۡاِنۡسَانُ اَلَّنۡ نَّجۡمَعَ عِظَامَہٗ ؕ﴿۳﴾

075.003 Ayahsabu al-insanu allan najmaAAa AAithamahu

3. Denkt de mens dat Wij zijn beenderen niet kunnen verzamelen?


بَلٰی قٰدِرِیۡنَ عَلٰۤی اَنۡ نُّسَوِّیَ بَنَانَہٗ ﴿۴﴾

075.004 Bala qadireena AAala an nusawwiya bananahu

4. Zeker; Wij hebben de macht hem te herstellen tot in zijn vingertoppen.


بَلۡ یُرِیۡدُ الۡاِنۡسَانُ لِیَفۡجُرَ اَمَامَہٗ ۚ﴿۵﴾

075.005 Bal yureedu al-insanu liyafjura amamahu

5. Maar de mens wenst in 't vervolg slecht te handelen.


یَسۡـَٔلُ اَیَّانَ یَوۡمُ الۡقِیٰمَۃِ ؕ﴿۶﴾

075.006 Yas-alu ayyana yawmu alqiyamati

6. Hij vraagt: "Wanneer is de Dag der Opstanding?"


فَاِذَا بَرِقَ الۡبَصَرُ ۙ﴿۷﴾

075.007 Fa-itha bariqa albasaru

7. Maar als het oog verblind wordt,


وَ خَسَفَ الۡقَمَرُ ۙ﴿۸﴾

075.008 Wakhasafa alqamaru

8. En de maan verduisterd zal zijn,


وَ جُمِعَ الشَّمۡسُ وَ الۡقَمَرُ ۙ﴿۹﴾

075.009 WajumiAAa alshshamsu waalqamaru

9. En de zon en de maan zullen samen gebracht worden,


یَقُوۡلُ الۡاِنۡسَانُ یَوۡمَئِذٍ اَیۡنَ الۡمَفَرُّ ﴿ۚ۱۰﴾

075.010 Yaqoolu al-insanu yawma-ithin ayna almafarru

10. Op die Dag zal de mens zeggen: "Waarheen te vluchten?"


کَلَّا لَا وَزَرَ ﴿ؕ۱۱﴾

075.011 Kalla la wazara

11. Nee! Geen schuilplaats!


اِلٰی رَبِّکَ یَوۡمَئِذِۣ الۡمُسۡتَقَرُّ ﴿ؕ۱۲﴾

075.012 Ila rabbika yawma-ithin almustaqarru

12. Slechts bij uw Heer zal dan uw toevlucht zijn.


یُنَبَّؤُا الۡاِنۡسَانُ یَوۡمَئِذٍۭ بِمَا قَدَّمَ وَ اَخَّرَ ﴿ؕ۱۳﴾

075.013 Yunabbao al-insanu yawma-ithin bima qaddama waakhkhara

13. De mens zal op die Dag worden onderricht over hetgeen hij vooruitzond of achterliet.


بَلِ الۡاِنۡسَانُ عَلٰی نَفۡسِہٖ بَصِیۡرَۃٌ ﴿ۙ۱۴﴾

075.014 Bali al-insanu AAala nafsihi baseeratun

14. Nee, de mens is een bewijs tegen zichzelf.


وَّ لَوۡ اَلۡقٰی مَعَاذِیۡرَہٗ ﴿ؕ۱۵﴾

075.015 Walaw alqa maAAatheerahu

15. Zelfs al biedt hij (zijn) verontschuldigingen aan.


لَا تُحَرِّکۡ بِہٖ لِسَانَکَ لِتَعۡجَلَ بِہٖ ﴿ؕ۱۶﴾

075.016 La tuharrik bihi lisanaka litaAAjala bihi

16. Beweeg uw tong er niet mede om deze (woorden) haastig (opte nemen!)


اِنَّ عَلَیۡنَا جَمۡعَہٗ وَ قُرۡاٰنَہٗ ﴿ۚۖ۱۷﴾

075.017 Inna AAalayna jamAAahu waqur-anahu

17. Het verzamelen en het verkondigen er van rust op Ons.


فَاِذَا قَرَاۡنٰہُ فَاتَّبِعۡ قُرۡاٰنَہٗ ﴿ۚ۱۸﴾

075.018 Fa-itha qara/nahu faittabiAA qur-anahu

18. Wanneer Wij dus (de Openbaring) verkondigd hebben volg dan de verkondiging.


ثُمَّ اِنَّ عَلَیۡنَا بَیَانَہٗ ﴿ؕ۱۹﴾

075.019 Thumma inna AAalayna bayanahu

19. Daarna rust de verklaring er van op Ons.


کَلَّا بَلۡ تُحِبُّوۡنَ الۡعَاجِلَۃَ ﴿ۙ۲۰﴾

075.020 Kalla bal tuhibboona alAAajilata

20. Nee, maar u (mensen) heeft dit leven lief.


وَ تَذَرُوۡنَ الۡاٰخِرَۃَ ﴿ؕ۲۱﴾

075.021 Watatharoona al-akhirata

21. En u geeft het Hiernamaals prijs.


وُجُوۡہٌ یَّوۡمَئِذٍ نَّاضِرَۃٌ ﴿ۙ۲۲﴾

075.022 Wujoohun yawma-ithin nadiratun

22. Op die Dag zullen sommige gezichten verlicht zijn,


اِلٰی رَبِّہَا نَاظِرَۃٌ ﴿ۚ۲۳﴾

075.023 Ila rabbiha nathiratun

23. Opziende naar hun Heer;


وَ وُجُوۡہٌ یَّوۡمَئِذٍۭ بَاسِرَۃٌ ﴿ۙ۲۴﴾

075.024 Wawujoohun yawma-ithin basiratun

24. En andere gezichten zullen op die Dag somber zijn.


تَظُنُّ اَنۡ یُّفۡعَلَ بِہَا فَاقِرَۃٌ ﴿ؕ۲۵﴾

075.025 Tathunnu an yufAAala biha faqiratun

25. Wetende dat een vreselijke ramp hen spoedig zal overkomen.


کَلَّاۤ اِذَا بَلَغَتِ التَّرَاقِیَ ﴿ۙ۲۶﴾

075.026 Kalla itha balaghati alttaraqiya

26. Ja! Als de ziel van de stervende tot de keel zal opstijgen,


وَ قِیۡلَ مَنۡ ٜ رَاقٍ ﴿ۙ۲۷﴾

075.027 Waqeela man raqin

27. En er zal worden gezegd: "Wie is de geneesheer?"


وَّ ظَنَّ اَنَّہُ الۡفِرَاقُ ﴿ۙ۲۸﴾

075.028 Wathanna annahu alfiraqu

28. Dan weet hij dat hij scheiden moet.


وَ الۡتَفَّتِ السَّاقُ بِالسَّاقِ ﴿ۙ۲۹﴾

075.029 Wailtaffati alssaqu bialssaqi

29. En wrijft (in doodsangst) het ene been tegen het andere.


اِلٰی رَبِّکَ یَوۡمَئِذِۣ الۡمَسَاقُ ﴿ؕ٪۳۰﴾

075.030 Ila rabbika yawma-ithin almasaqu

30. Dan wordt (hij) tot uw Heer gedreven,


فَلَا صَدَّقَ وَ لَا صَلّٰی ﴿ۙ۳۱﴾

075.031 Fala saddaqa wala salla

31. Want hij (mens) nam de Waarheid niet aan, noch bad hij.


وَ لٰکِنۡ کَذَّبَ وَ تَوَلّٰی ﴿ۙ۳۲﴾

075.032 Walakin kaththaba watawalla

32. Maarhij verloochende (de profeet) en wendde zich af.


ثُمَّ ذَہَبَ اِلٰۤی اَہۡلِہٖ یَتَمَطّٰی ﴿ؕ۳۳﴾

075.033 Thumma thahaba ila ahlihi yatamatta

33. Dan ging hij trots naar zijn familie terug.


اَوۡلٰی لَکَ فَاَوۡلٰی ﴿ۙ۳۴﴾

075.034 Awla laka faawla

34. "Wee u! Wee dus over u."


ثُمَّ اَوۡلٰی لَکَ فَاَوۡلٰی ﴿ؕ۳۵﴾

075.035 Thumma awla laka faawla

35. "Wee u nogmaals en nog eens wee!"


اَیَحۡسَبُ الۡاِنۡسَانُ اَنۡ یُّتۡرَکَ سُدًی ﴿ؕ۳۶﴾

075.036 Ayahsabu al-insanu an yutraka sudan

36. Denkt de mens dat hij zonder doel zal worden gelaten?


اَلَمۡ یَکُ نُطۡفَۃً مِّنۡ مَّنِیٍّ یُّمۡنٰی ﴿ۙ۳۷﴾

075.037 Alam yaku nutfatan min manayyin yumna

37. Was hij niet een kleine levenskiem die werd uitgestort?


ثُمَّ کَانَ عَلَقَۃً فَخَلَقَ فَسَوّٰی ﴿ۙ۳۸﴾

075.038 Thumma kana AAalaqatan fakhalaqa fasawwa

38. Dan werd hij een klonter bloed daarna schiep en vervolmaakte Hij hem.


فَجَعَلَ مِنۡہُ الزَّوۡجَیۡنِ الذَّکَرَ وَ الۡاُنۡثٰی ﴿ؕ۳۹﴾

075.039 FajaAAala minhu alzzawjayni alththakara waal-ontha

39. Daarvan (de kiem) maakt Hij een paar, man en vrouw.


اَلَیۡسَ ذٰلِکَ بِقٰدِرٍ عَلٰۤی اَنۡ یُّحۡیَِۧ الۡمَوۡتٰی ﴿٪۴۰﴾

075.040 Alaysa thalika biqadirin AAala an yuhyiya almawta

40. Is Hij dan niet bij machte de doden te doen herleven?

Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://ummatun-wahida.1forum.biz
 
Surah Al-Qi'jaamah
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
UMMATUN WAHIDA :: Quran :: Volledige Quran: Arabisch, Nederlandse interpretatie en fonetisch-
Ga naar: