UMMATUN WAHIDA
وَ اِنَّ ہٰذِہٖۤ اُمَّتُکُمۡ اُمَّۃً وَّاحِدَۃً وَّ اَنَا رَبُّکُمۡ فَاتَّقُوۡنِ ۵۲﴾
Wa-inna hathihi ommatukum ommatan wahidatan waana rabbukum faittaqooni

En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
{Qs al Muminun ayah 52}

UMMATUN WAHIDA

Wa-inna hathihi ommatukum UMMATUN WAHIDATAN waana rabbukum faittaqooni En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
 
IndexZoekenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Surah Abasa

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Ummatun_wahida
Admin
avatar

Aantal berichten : 419
Registratiedatum : 09-12-12

BerichtOnderwerp: Surah Abasa   zo jan 13, 2013 3:16 am

بِسۡمِ اللّٰہِ الرَّحۡمٰنِ الرَّحِیۡمِ

عَبَسَ وَ تَوَلّٰۤی ۙ﴿۱﴾

080.001 AAabasa watawalla

1. Hij (de profeet) fronste (zijn voorhoofd) en wendde zich af.


اَنۡ جَآءَہُ الۡاَعۡمٰی ؕ﴿۲﴾

080.002 An jaahu al-aAAma

2. Omdat er een blinde man tot hem kwam.


وَ مَا یُدۡرِیۡکَ لَعَلَّہٗ یَزَّکّٰۤی ۙ﴿۳﴾

080.003 Wama yudreeka laAAallahu yazzakka

3. (Mens) wat weet u? Misschien wilde hij zich laten louteren.


اَوۡ یَذَّکَّرُ فَتَنۡفَعَہُ الذِّکۡرٰی ؕ﴿۴﴾

080.004 Aw yaththakkaru fatanfaAAahu alththikra

4. Of hij kon om raad komen, en die raad zou hem van nut kunnen zijn.


اَمَّا مَنِ اسۡتَغۡنٰی ۙ﴿۵﴾

080.005 Amma mani istaghna

5. Maar aan hem, die onverschillig is


فَاَنۡتَ لَہٗ تَصَدّٰی ؕ﴿۶﴾

080.006 Faanta lahu tasadda

6. Schenkt u uw aandacht,


وَ مَا عَلَیۡکَ اَلَّا یَزَّکّٰی ؕ﴿۷﴾

080.007 Wama AAalayka alla yazzakka

7. Hoewel u er niet voor aansprakelijk bent als hij zich niet loutert.


وَ اَمَّا مَنۡ جَآءَکَ یَسۡعٰی ۙ﴿۸﴾

080.008 Waamma man jaaka yasAAa

8. Maar hij die zich tot u haast,


وَ ہُوَ یَخۡشٰی ۙ﴿۹﴾

080.009 Wahuwa yakhsha

9. En Allah vreest,


فَاَنۡتَ عَنۡہُ تَلَہّٰی ﴿ۚ۱۰﴾

080.010 Faanta AAanhu talahha

10. Voor hem bent u onverschillig.


کَلَّاۤ اِنَّہَا تَذۡکِرَۃٌ ﴿ۚ۱۱﴾

080.011 Kalla innaha tathkiratun

11. Nee! Voorwaar, het is een vermaning.


فَمَنۡ شَآءَ ذَکَرَہٗ ﴿ۘ۱۲﴾

080.012 Faman shaa thakarahu

12. Dus, wie het wil, laat hem er lering uit trekken.


فِیۡ صُحُفٍ مُّکَرَّمَۃٍ ﴿ۙ۱۳﴾

080.013 Fee suhufin mukarramatin

13. (Dit is) in verheven geschriften,


مَّرۡفُوۡعَۃٍ مُّطَہَّرَۃٍۭ ﴿ۙ۱۴﴾

080.014 MarfooAAatin mutahharatin

14. Hoogstaand en rein,


بِاَیۡدِیۡ سَفَرَۃٍ ﴿ۙ۱۵﴾

080.015 Bi-aydee safaratin

15. In de handen van schrijvers,


کِرَامٍۭ بَرَرَۃٍ ﴿ؕ۱۶﴾

080.016 Kiramin bararatin

16. Edel, deugdzaam.


قُتِلَ الۡاِنۡسَانُ مَاۤ اَکۡفَرَہٗ ﴿ؕ۱۷﴾

080.017 Qutila al-insanu ma akfarahu

17. Wee de mens! Hoe ondankbaar is hij!


مِنۡ اَیِّ شَیۡءٍ خَلَقَہٗ ﴿ؕ۱۸﴾

080.018 Min ayyi shay-in khalaqahu

18. Waaruit heeft Hij hem geschapen?


مِنۡ نُّطۡفَۃٍ ؕ خَلَقَہٗ فَقَدَّرَہٗ ﴿ۙ۱۹﴾

080.019 Min nutfatin khalaqahu faqaddarahu

19. Uit een kleine levenskiem schept Hij hem en stelt zijn verhoudingen vast.


ثُمَّ السَّبِیۡلَ یَسَّرَہٗ ﴿ۙ۲۰﴾

080.020 Thumma alssabeela yassarahu

20. Dan effent Hij de weg voor hem,


ثُمَّ اَمَاتَہٗ فَاَقۡبَرَہٗ ﴿ۙ۲۱﴾

080.021 Thumma amatahu faaqbarahu

21. Dan doet Hij hem sterven en geeft hem aan het graf over,


ثُمَّ اِذَا شَآءَ اَنۡشَرَہٗ ﴿ؕ۲۲﴾

080.022 Thumma itha shaa ansharahu

22. Dan, wanneer Hij wil, zal Hij hem weer opwekken.


کَلَّا لَمَّا یَقۡضِ مَاۤ اَمَرَہٗ ﴿ؕ۲۳﴾

080.023 Kalla lamma yaqdi ma amarahu

23. Nee, hij heeft hetgeen Hij hem gebood, niet volbracht.


فَلۡیَنۡظُرِ الۡاِنۡسَانُ اِلٰی طَعَامِہٖۤ ﴿ۙ۲۴﴾

080.024 Falyanthuri al-insanu ila taAAamihi

24. Laat nu de mens naar zijn voedsel zien;


اَنَّا صَبَبۡنَا الۡمَآءَ صَبًّا ﴿ۙ۲۵﴾

080.025 Anna sababna almaa sabban

25. Hoe Wij water doen neerstromen,


ثُمَّ شَقَقۡنَا الۡاَرۡضَ شَقًّا ﴿ۙ۲۶﴾

080.026 Thumma shaqaqna al-arda shaqqan

26. Dan de aarde splijten,


فَاَنۡۢبَتۡنَا فِیۡہَا حَبًّا ﴿ۙ۲۷﴾

080.027 Faanbatna feeha habban

27. En graan daaruit doen groeien.


وَّ عِنَبًا وَّ قَضۡبًا ﴿ۙ۲۸﴾

080.028 WaAAinaban waqadban

28. Ook druiven en groenten,


وَّ زَیۡتُوۡنًا وَّ نَخۡلًا ﴿ۙ۲۹﴾

080.029 Wazaytoonan wanakhlan

29. En de olijfboom en de dadelpalm.


وَّ حَدَآئِقَ غُلۡبًا ﴿ۙ۳۰﴾

080.030 Wahada-iqa ghulban

30. En tuinen, dicht beplant.


وَّ فَاکِہَۃً وَّ اَبًّا ﴿ۙ۳۱﴾

080.031 Wafakihatan waabban

31. En vruchten en weiden,


مَّتَاعًا لَّکُمۡ وَ لِاَنۡعَامِکُمۡ ﴿ؕ۳۲﴾

080.032 MataAAan lakum wali-anAAaAbasa

32. Voorziening voor u en uw vee!


فَاِذَا جَآءَتِ الصَّآخَّۃُ ﴿۫۳۳﴾

080.033 Fa-itha jaati alssakhkhatu

33. Maar als de oorverdovende roep komt,


یَوۡمَ یَفِرُّ الۡمَرۡءُ مِنۡ اَخِیۡہِ ﴿ۙ۳۴﴾

080.034 Yawma yafirru almaro min akheehi

34. De Dag waarop een man van zijn broeder vlucht,


وَ اُمِّہٖ وَ اَبِیۡہِ ﴿ۙ۳۵﴾

080.035 Waommihi waabeehi

35. En van zijn moeder en zijn vader,


وَ صَاحِبَتِہٖ وَ بَنِیۡہِ ﴿ؕ۳۶﴾

080.036 Wasahibatihi wabaneehi

36. En van zijn vrouw en zijn kinderen,


لِکُلِّ امۡرِیًٔ مِّنۡہُمۡ یَوۡمَئِذٍ شَاۡنٌ یُّغۡنِیۡہِ ﴿ؕ۳۷﴾

080.037 Likulli imri-in minhum yawma-ithin sha/nun yughneehi

37. Op die Dag zal een ieder een aangeiegenheid hebben die hem bezig zal houden.


وُجُوۡہٌ یَّوۡمَئِذٍ مُّسۡفِرَۃٌ ﴿ۙ۳۸﴾

080.038 Wujoohun yawma-ithin musfiratun

38. Op die Dag zullen sommige gezichten stralend zijn,


ضَاحِکَۃٌ مُّسۡتَبۡشِرَۃٌ ﴿ۚ۳۹﴾

080.039 Dahikatun mustabshiratun

39. Lachend, vrolijk!


وَ وُجُوۡہٌ یَّوۡمَئِذٍ عَلَیۡہَا غَبَرَۃٌ ﴿ۙ۴۰﴾

080.040 Wawujoohun yawma-ithin AAalayha ghabaratun

40. En op andere gezichten zal op die Dag stof liggen.


تَرۡہَقُہَا قَتَرَۃٌ ﴿ؕ۴۱﴾

080.041 Tarhaquha qataratun

41. Duisternis zal hen bedekken.


اُولٰٓئِکَ ہُمُ الۡکَفَرَۃُ الۡفَجَرَۃُ ﴿٪۴۲﴾

080.042 Ola-ika humu alkafaratu alfajaratu

42. Dat zijn de ongelovigen, de slechten.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://ummatun-wahida.1forum.biz
 
Surah Abasa
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
UMMATUN WAHIDA :: Quran :: Volledige Quran: Arabisch, Nederlandse interpretatie en fonetisch-
Ga naar: