UMMATUN WAHIDA
وَ اِنَّ ہٰذِہٖۤ اُمَّتُکُمۡ اُمَّۃً وَّاحِدَۃً وَّ اَنَا رَبُّکُمۡ فَاتَّقُوۡنِ ۵۲﴾
Wa-inna hathihi ommatukum ommatan wahidatan waana rabbukum faittaqooni

En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
{Qs al Muminun ayah 52}

UMMATUN WAHIDA

Wa-inna hathihi ommatukum UMMATUN WAHIDATAN waana rabbukum faittaqooni En voorwaar, deze godsdienst (de Islam) is jullie godsdienst, de enigste. En Ik ben jullie Heer, vreest Mij daarom.
 
IndexZoekenRegistrerenInloggen

Deel | 
 

 Leidt shariah in de praktijk echt tot oneerlijke processen, wrede straffen en discriminatie?

Vorige onderwerp Volgende onderwerp Go down 
AuteurBericht
Ummatun_wahida
Admin
avatar

Aantal berichten : 419
Registratiedatum : 09-12-12

BerichtOnderwerp: Leidt shariah in de praktijk echt tot oneerlijke processen, wrede straffen en discriminatie?   zo dec 09, 2012 10:32 am


150 stokslagen voor overspel – leidt shariah in de praktijk echt tot oneerlijke processen,
wrede straffen en discriminatie?


De Islamitische Staat biedt een alomvattende levensordening, waaruit zowel rechten als plichten voor het individu, voor de samenleving en voor de staat resulteren. Deze alomvattende levensordening, dit is de shari’ah van Islam. Zij behelst daarmee onder andere een ordening van het economisch leven en een ordening van het sociaal leven, maar ook een idee omtrent educatie, ziekenzorg, een buitenlands beleid, belastingen, et cetera. Niet meer dan een onderdeel van de shari’ah is het strafsysteem van de Islamitische Staat; met rechtbanken, principes als onschuldig tot het tegendeel is bewezen, maatstaven voor bewijs, en straffen. Het is onder dit deel van de shari’ah, de straffen behorende bij het strafsysteem van Islam, dat de hoedoed valt. Allah zegt, de vertaling waarvan zoveel betekent als:

“En indien gij rechtspreekt, richt tussen hen met rechtvaardigheid. Voorzeker, Allah heeft de rechtvaardigen lief.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, Soerah Al Maidah 42)

Er bestaat consensus onder de geleerden van Islam dat de hoedoed, de bestraffing voorgeschreven door Allah voor in het huidige leven, enkel door de Islamitische Staat ten uitvoer gebracht mag worden. De reden hiervoor is dat enkel de Islamitische Staat de shari’ah alomvattend ten uitvoer brengt, waar de hoedoed dus een (klein) deel van is, de alomvattende levensordening in overeenstemming met de geboden en verboden van Allah (swt). De shari’ah van Islam verbiedt dus niet alleen, maar draagt tevens oplossingen aan in overeenstemming met de geboden en verboden van Allah .

De hoedoed is een bestraffing verordent door Allah , maar is beperkt tot specifieke overtredingen. Zo zegt Allah , de vertaling waarvan zoveel betekent als:

“En snijdt de dief en de dievegge de hand af, als straf voor wat zij misdeden, een voorbeeldige straf van Allah.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, Soerah Al Maidah 38)

De bestraffing in het geval van diefstal, het afhakken van de hand van de dief, is dus onderdeel van de hoedoed.
Het is een van plichten op de Islamitische Staat, als onderdeel alomvattende tenuitvoerbrenging van de shari’ah, dat zij ieder individu over de mogelijkheid moet doen laten beschikken om op eenvoudig langs de halal (toegestaan) te kunnen bekomen wat hij wenst, en tegelijkertijd de methode van de haram (verboden) afgeschermd en ontoegankelijk makend waarvoor dus moeite gedaan moet worden. De rechtvaardigheid van Islam is dat enkel in een situatie als beschreven hierboven, wanneer de staat deze verplichting na komt, overtreding van de wetten van Islam kan leiden tot de bestraffingen onderdeel van de hoedoed. Indien aan een van deze twee voorwaarden niet is voldaan, de halal is niet beschikbaar of de haram is niet afgeschermd en ontoegankelijk gemaakt, dan geldt de overtreding nog altijd als zonde, maar mag de hoedoed niet ten uitvoer worden gebracht.

Voortbordurend op het voorbeeld van diefstal, de Islamitische Staat heeft de eindverantwoordelijkheid ervoor te zorgen dat voor iedere van haar onderdanen de primaire levensbehoeften (voeding, kleding en onderdak) bevredigd zijn. Deze realiteit van het bestaan in de Islamitische Staat ontneemt daarmee iedere noodzaak tot stelen. De hoedoed in geval van diefstal is dus beperkt tot de gevallen waarin dus enkel uit verlangen gestolen wordt. Van Khalifah ‘Umar is overgeleverd dat een dag de mensen hem vertelden van een dief, wiens hand afgehakt zou worden naar de bestraffing van hoedoed. In de wetenschap dat honger heerste in het land, stak Khalifah ‘Umar zijn eigen handen naar voren, en zei:

“Als de hand moet worden gehakt, dan is het deze.”

Enkel dus wanneer de diefstal niet uit een situatie van nood is geresulteerd, is de hoedoed een mogelijkheid. Maar dan nog wordt zij enkel ten uitvoer gebracht wanneer de diefstal aan meer dan 30 voorwaarden heeft voldaan. Dus in geval hetgeen gestolen, ter voorbeeld, publiekelijk uitgestald was zonder toezicht, dan is Islam van mening dat het afhakken van de hand niet rechtvaardig zou zijn omdat een situatie van verleiding gecreëerd was. Aan een van de voorwaarden voor bestraffing voor diefstal volgens hoedoed is in dat geval niet voldaan, en dus moet een lichtere straf uitgesproken worden.
Allah zegt, de vertaling waarvan zoveel betekent als:

“Geselt iedere echtbreekster en echtbreker met honderd slagen. En laat medelijden met hen u van de gehoorzaamheid aan Allah niet afhouden indien gij in Allah en de Laatste Dag gelooft. En laat een groep gelovigen getuige zijn van hun bestraffing.”
(Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, Soerah An Noer 2)



In het voorbeeld van gemeenschap tussen man en vrouw, iedereen mag binnen een huwelijk deze behoefte bevrediging. Dit is de oplossing van Islam, en wie wil trouwen maar hiervoor de financiële middelen ontbeert, de Islamitische Staat zal het geld geven dat hiervoor dan nodig is. Wie met deze eenvoudige oplossing de moeite onderneemt om toch gemeenschap te hebben buiten het huwelijk, voor hem of haar is de hoedoed bestemd. De rechtvaardigheid van Islam uit zich in dit voorbeeld in het feit dat de bestraffing van degene die ongetrouwd buitenechtelijke gemeenschap heeft, minder zwaar is dan de bestraffing voor degenen die als getrouwde persoon buitenechtelijk gemeenschap heeft. De straf voor de ongehuwde persoon in geval van ontucht, man of vrouw, is zoals bovenstaande versregel duidelijk maakt, 100 stokslagen. De straf voor de gehuwde persoon in geval van overspel, man of vrouw, is de dood door steniging.

De voorwaarde voor de tenuitvoerbrenging van de hoedoed in geval van ontucht / overspel is 4 getuige verklaringen die allen bevestigen gezien te hebben dat “het zwaard in de schede ging”. Alles minder dan 4 getuige verklaringen verwerpt de aantijging. Hierbij dient opgemerkt te worden dat beschuldigen zonder de vereiste 4 getuigen naar voren te kunnen brengen als laster wordt beschouwd; een overtreding die bestraft wordt. Allah zegt, de vertaling waarvan zoveel betekent als:

“En zij, die kuise vrouwen beschuldigen en geen vier getuigen brengen – geselt hen met tachtig slagen en aanvaardt hun getuigenis nooit meer, want dezen zijn overtreders.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, Soerah An Noer 4)


Over de hoedoed zelf, zij verlost de mens van de zonde begaan en biedt daarmee vergiffenis van Allah op de Dag des Oordeels. De bestraffing in het huidige leven voorkomt bestraffing in het hiernamaals. Ondanks het feit dat zij zo streng is, zijn verschillende gevallen uit de geschiedenis van de Islamitische Staat bekend waar de overtreders zelfs verzocht hebben deze bestraffing te mogen ontvangen. Zo een vrouw van de stam Al Khamdiyya die een dag bij de Boodschapper van Allah salla Allah alayhi wasalam kwam en hem vertelde:

“Oh Profeet, ik heb zina (buitenechtelijke gemeenschap) gedaan. Reinig mij (van mijn zonde)!”
De Boodschapper van Allah ) heeft haar op haar verzoek, maar pas nadat zij hier op aangedrongen had, laten stenigen.
Tijdens de stenigen vervloekte een van de Sahaba de vrouw voor haar zina. Dit waarnemend antwoordde de Boodschapper van Allah :
“Vervloek haar niet. Zij heeft Taubah gedaan (spijt betuigt) en als we haar taubah zouden verdelen over de mensen, dan zou dit voldoende zijn voor ieder mens op aarde.”


In een ander voorbeeld verzocht een man de Boodschapper van Allah om steniging. De Profeet stemde hiermee in en gaf de opdracht de man te stenigen. Later kwamen de mensen de Profeet informeren over hetgeen plaats gevonden had. Zij vertelden:
“Oh Boodschapper van Allah, ….. rende weg tijdens zijn stenigen.” De Boodschapper van Allah vroeg hen: “Wat hebben jullie toen gedaan?”
waarop de mensen antwoordden:“We zijn hem achterna gegaan en hebben hem alsnog gestenigd.”
De Boodschapper van Allah salla Allah alayhi wasalam zei daarop:“Jullie hadden hem moeten laten gaan.”


En verder, Islam heeft “stokslagen” gedefinieerd, en alvorens dus een oordeel uit te spreken over deze straf is het noodzakelijk dat men bekend is met wat precies “stokslagen” in deze zijn. Naar overlevering van de Boodschapper van Allah mag degene die de slagen uitdeelt het wit van zijn oksels niet tonen. Dus een stokslag is het resultaat van een beweging van enkel de onderarm.

Ten slotte, Islam maakt, zoals reeds gezegd, geen onderscheidt tussen man of vrouw als overtreder, ook niet in geval van de hoedoed. Allah zegt, de vertaling waarvan zoveel betekent als:
“En snijdt de dief en de dievegge de hand af, als straf voor wat zij misdeden, een voorbeeldige straf van Allah. Allah is Almachtig, Alwijs. Maar degene, die na zijn overtreding berouw heeft en zich betert – Allah zal Zich gewis in barmhartigheid tot hem wenden; voorwaar, Allah is Vergevensgezind, Genadevol.” (Zie de vertaling van de betekenissen van de Koran, Soerah Al Maidah 38-39)

Men dient te weten dat in werkelijkheid in de bijna 1300 jarige geschiedenis van de Islamitische Staat de tenuitvoerbrenging van de hoedoed uitzonderingen zijn geweest; in tegenstelling tot wat mensen willen doen laten geloven. De archieven van de centra van jurisprudentie en rechtspraak in de Islamitische Staat – Damascus, Bagdad, Caïro en Istanboel, bijvoorbeeld – getuigen hiervan.

Het is spijtig dat VRT Teletekst, wiens recente publicatie over de bestraffing die een vrouw in de Verenigde Arabische Emiraten de directe aanleiding voor dit artikel is geweest, geen enkel argument aandraagt voor haar bewering “de sharia leidt in de praktijk tot oneerlijke processen, wrede straffen en discriminatie”. In afwezigheid hiervan heeft dit serieuze mediaorgaan, waarop vele mensen vertrouwen voor hun nieuwsvoorziening, enkel ongefundeerde en vooringenomen meningen gepresenteerd als feiten.

Buiten dit, iedereen weet dat geen van islamitische landen de wetten en systemen van Islam, de shari’ah, alomvattend ten uitvoer brengt. De Verenigde Arabische Emiraten zijn hier geen uitzondering. Terwijl iedereen weet dat de heersers van deze landen zich van de geboden en verordeningen van Allah niets aantrekken, hoe kan men dan op basis van hun gedrag conclusies trekken over Islam?

In het geval van de bestraffing voor overtreding van wetten volgens een specifieke ideologie, daar past het niet deze te beoordelen op basis van een andere ideologie. Rechtvaardig is niet het resultaat van overeenstemming met “de manier van straffen die wij hebben geaccepteerd”, noch is onrechtvaardig het resultaat van verschil met “de manier van straffen die wij hebben geaccepteerd”. Het staat iedereen vrij iedere ideologie te bekritiseren op basis van objectieve maatstaven, maar bekritiseren op basis van de seculiere maatstaf vereist eerst overtuiging van het feit dat de seculiere maatstaf de juiste maatstaf is.
Terug naar boven Go down
Profiel bekijken http://ummatun-wahida.1forum.biz
 
Leidt shariah in de praktijk echt tot oneerlijke processen, wrede straffen en discriminatie?
Vorige onderwerp Volgende onderwerp Terug naar boven 
Pagina 1 van 1

Permissies van dit forum:Je mag geen reacties plaatsen in dit subforum
UMMATUN WAHIDA :: Shariah :: Shariah-
Ga naar: